DBA: Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties
Het wetsvoorstel moet een antwoord bieden op het jarenlange probleem: wanneer is iemand een werknemer en wanneer een zelfstandig ondernemer? De gevolgen kunnen enorm zijn. Werkenden kunnen buiten het vangnet van sociale zekerheid vallen en werkgevers kunnen naheffingsaanslagen en fiscale boetes krijgen. Met de ‘Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties’ (DBA) is getracht dit probleem op te lossen, alleen ligt de handhaving al sinds 2016 nagenoeg stil. In 2023 heeft het kabinet daarom een nieuw wetsvoorstel gelanceerd, de ‘Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden’ (VBAR).
VBAR: Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden
Deze wet bestaat uit twee onderdelen: enerzijds geeft het voorstel een toetsingskader met criteria om te bepalen wanneer iemand een werknemer is, anderzijds introduceert het wetsvoorstel een zogeheten rechtsvermoeden dat iemand bij een uurtarief van minder dan € 32,24 op basis van een arbeidsovereenkomst werkt, en niet als zelfstandige. Het demissionaire kabinet heeft het wetgevingstraject mét wijzigingen doorgezet.
Een van de wijzigingen betreft het toetsingskader wanneer iemand werknemer is. Eén van de toetsingen is of de werkzaamheden zijn ‘ingebed’ in de organisatie. Om dat te bepalen, werd als criterium gehanteerd dat het werk tot ‘de kernactiviteiten’ van de organisatie moet behoren. Maar dat criterium is nu geschrapt. Ook wordt het uurtarief voor het rechtsvermoeden in de toekomst naar boven afgerond en gaat van € 32,24 naar € 33.
Hoe de wijzigingen er exact uitzien, wordt pas duidelijk als het aangepaste wetsvoorstel na het advies van de Raad van State naar de Tweede Kamer wordt gestuurd. De beoogde ingangsdatum voor de VBAR is nog steeds 1 januari 2026, maar er zijn eerder al twijfels gerezen of dat nog haalbaar is.
Meer weten?
Wil je weten of je actie moet ondernemen? Neem contact op met een Finovion-kantoor bij jou in de buurt.