Kosten waarvoor onder de nieuwe werkkostenregeling een gerichte vrijstelling geldt, hoeft u niet te belasten. Deze zijn wel loon. Deze andere behandeling van vergoedingen en verstrekkingen kan gevolgen hebben voor het gebruikelijk loon waarover de directeur-grootaandeelhouder minimaal loonheffingen verschuldigd is. Onder de oude regels voor vergoedingen en verstrekkingen telden alleen belaste vergoedingen voor toetsing aan het gebruikelijk loon.
Het gebruikelijk loon voor een DGA is het hoogste van de volgende drie bedragen:
- 75% van het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking;
- Het loon van de meestverdienende werknemer van uw onderneming;
- € 44.000,- per kalenderjaar.
Verdient een DGA in de praktijk minder dan het gebruikelijk loon, dan wordt zijn loon fictief opgehoogd tot aan dat gebruikelijk loon. Over dit fictieve loon berekent u loonheffingen. Nu alle vergoedingen en verstrekkingen als loon behandeld worden, kan er een lager bedrag overblijven waarover u loonheffingen moet berekenen.
Stel dat een DGA op jaarbasis aan vergoedingen krijgt:
- Een onbelaste reiskostenvergoeding van € 5.000,-;
- Een onbelaste studievergoeding van € 1.000,-;
- Een onbelaste vergoeding voor zijn mobiele telefoon en internet van € 1.000,-
Omdat deze DGA in totaliteit onbelaste vergoedingen van € 7.000,- per jaar ontvangt, hoeft zijn belaste loon maar (€44.000,- – € 7.000,- =) € 37.000,- te bedragen.